Hanzestad Zwolle

Hanzestad Zwolle

Ruim 2000 jaar geleden woonden er al mensen op de plaats waar nu de stad Zwolle ligt. Het was een gunstige plaats om te wonen, omdat dit gebied hoger lag dan het land er omheen. Bij hoge waterstanden bleef het dus droog. De naam Zwolle herinnert aan dat hoger gelegen land. Zwolle komt namelijk van ’Suolle’ en betekent heuvel.

In het midden van de 11e eeuw stond er in Zwolle een klein kerkje. Deze was gewijd aan de aartsengel Michaël. Dit Michaëlskerkje was door de bewoners van Zwolle gebouwd. Dat waren vooral boeren. Later zijn er ook kooplieden en handwerkslieden gaan wonen. In 1230 gaf de bisschop aan Zwolle het stadsrecht. De Zwollenaren mochten nu zichzelf besturen. Ook kregen de Zwolse burgers het recht om een muur rondom de stad te bouwen om zich te beschermen. Zwolle was een echte stad geworden.

Zwolle was in 1294 lid geworden van het Hanzeverbond. Dit was een verbond van de steden die handel met lekaar dreven. Ze beschermden met soldaten de kooplieden die met hun handel van stad naar stad trokken. Die bescherming was hard nodig, want rovers maakten het reizen erg gevaarlijk. Ook probeerden de Hanzesteden te voorkomen dat kooplieden uit andere steden te veel goederen kwamen verkopen. De Hanzesteden probeerden dus de concurrentie van anderen tegen te gaan.

Uit allerlei gebieden werden producten naar Zwolle gehaald: laken uit Vlaanderen, zout uit Frankrijk, graan en vis uit het Oostzeegebied en wijn uit de Duitse Rijnstreek. Van groot belang voor de handel waren de markten. Daar ontmoetten de kooplieden elkaar en daar kon men van alles kopen. Veel oude namen, zoals de Oude Vismarkt, herinneren nog aan die markten.